
(c) Nan Goldin
Het was de vierde keer dat ik hem zag.
The Ballad of Sexual Dependency.
Elke keer is anders, merkwaardig genoeg, en tegelijkertijd op een vreemd geruststellende manier toch altijd hetzelfde.
Anders, niet alleen omdat elke versie van de Ballad lichtjes verschillend is, maar vooral omdat dit eigenlijk een spiegel is. Een waanzinnige vervorm- en vergrootspiegel van meer dan 700 dia’s waarin je alle levens die je hebt geleefd of had kunnen leven -for better or worse- aan je voorbij ziet flitsen.
Een wervelende caleidoscoop van 42 minuten beeld&muziek waarin alle grote emoties je beurtelings aankijken. Binnenkomen. Nazinderen. Frankly, my dear, it’s better than therapy.






Vanochtend kreeg ik in de dierenwinkel een boekje bij mijn kattenvoer. Een dik, wit bundeltje papier met een harde kaft en een linnen rug. Ik bleef er thuis nog een tijdje verdwaasd mee in mijn handen zitten; oké, het is boekenweek, maar in het literaire segment is het voor de meeste uitgevers al lang onbetaalbaar geworden om de mindere goden nog in hard cover uit te brengen. Voor zo’n harde rug worden moorden gepleegd -collega’s worden genadeloos afgemaakt met a blow to the back of the head with a blunt object, zoals een presse-papier. Ja, zelfs steekpartijen met vulpennen niet geschuwd. Ingebonden, laat staan ingenaaid worden, dat overkomt alleen nog de allerbesten. Zelfs kunstboeken moeten het tegenwoordig doen met een slap kaftje.

Z-boek































