Dans la maison – #gewikt&gewogen

Dans la maison – François Ozon

Met Dans la maison levert Ozon, ondanks het barslechte einde, een van zijn meest beklijvende films af. En dat ligt niet alleen aan het onwaarschijnlijk sexy accent waarmee Kristin Scott Thomas de taal van Molière spreekt.

In een hypergestileerde cameravoering trekt Ozon je de wereld van Germain Germain binnen, een enigszins verbitterde leraar literatuurgeschiedenis in een middelbare school. Zijn leven is even leeg en nutteloos als het kasboek van de kunstgalerij van zijn vrouw, tot de jonge Claude hem een eerste opstel overhandigt waarin hij op sarcastisch-voyeuristische wijze een bezoek aan het huis van een klasgenoot beschrijft.

Niets, zelfs de ‘typische geur van een vrouw van de middenklasse’ niet, ontsnapt aan zijn fileermes. Germain stimuleert hem door te gaan, niet alleen met schrijven, maar onrechtstreeks ook met zijn voyeurisme, dat steeds beangstigender vormen aanneemt als hij de jongen, geheel verantwoord vanuit literair-dramatisch oogpunt, aanzet meer drama en conflict in het verhaal te brengen. Terwijl de jonge Claude zich steeds dieper ingraaft in het gezin en zelfs de vrouw des huizes verleidt, zien we aan de zijlijn het huwelijk van Germain en zijn vrouw op Woody Allen-achtige wijze desintegreren in messcherpe dialogen die even pijnlijk zijn als briljant. Het kopje-onder-gaande-koppel vormt een bijna genante illustratie van de villaine satire op de middenklasse die Claude, veel minder subtiel, over het leven van het ‘gewone gezin Rapha’ schrijft. 

Dat Ozon meesterlijk is in het vasthouden van (nooit-ingeloste) spanning weten we al uit Sous le sable en Swimming Pool, maar hier overtreft hij af en toe zichzelf. Ook de fotografie is adembenemend, van de monochrome achtergronden waartegen Claude zijn literatuurlessen krijgt, tot de grauwe slaapkamerscènes bij Germain thuis en de speelse, zoekende toon van de cameravoering waarmee hij Claude’s stillistisch wisselende verhalen weergeeft.

Hier en daar oogt de film daardoor net iets te gechargeerd -hoe meer Germain ingrijpt op de teksten van Claude, hoe realisme Ozon van zijn film af stript-, maar dat personages opduiken in scenes waar ze niet aanwezig kunnen zijn, wil ik binnen de conventies van dit verhaal probleemloos aannemen. Helaas gaat de film even later echt uit de bocht: de komische noot met les jumelles in de kunstgalerij werkt de film eerder tegen, en het totaal ongeloofwaardige einde, waar de regisseur de kijker als een kleuter bij de hand neemt en hem voor een poppenkastachtig appartementsgebouw zet om de boodschap nog even samen te vatten – ook filmmakers vertellen tenslotte voyeuristische verhaaltjes – is een overbodige uitlachspiegel. De stijlbreuk met de biefstukbakkende Walen in Rundskop werkte wonderwel, maar hier haalt de komedie de perfect opgebouwde spanning volledig onderuit.

Ook het eindpunt waarop hij zijn twee hoofdpersonages achterlaat, overtuigt niet; Ozon heeft, net als Claude in zijn verhaal, verschillende eindes onderzocht om de strak opgebouwde spanning op neer te leggen, maar nergens de juiste climax gevonden. Wellicht was een totale anti-climax het enige echte alternatief; persoonlijk had ik liever gezien dat de film in kille, grijze kleuren doodliep op de saaie kleurloosheid van het dagdagelijkse bestaan, en dat deze mist van verveling de personages langzaam verstikte. Dat zou in elk geval een geloofwaardiger einde zijn geweest, en op een manier ook een nog veel dramatischer. De lik stroop die nu op de laatste minuten ligt, is naar mijn smaak een beetje te klef voor een film die het eerste uur als een ijzige thriller aanvoelt.

Desalniettemin: haast u naar de cinema. Voor briljante dialogen, venijnig scherpe acteerprestaties en de onthutsend mooie ogen van Miss Scott Thomas. Of lees er de novelle van Le Clezio eens op na, die aan de basis ligt van het scenario. Benieuwd of die ook zo afloopt.