private view – opera – 2015-2017 (EN)

Een opera van componiste Annelies Van Parys met een libretto van Jen Hadfield.  Een productie van Muziektheater Transparant in coproductie met Operadagen Rotterdam, Asko|Schönberg, Concertgebouw Brugge, National Opera Bergen, Les Théâtres de la Ville de Luxembourg, Deutsche Oper Berlin, 33 ¹/³ Collective.
Private View - (c) Trui Hanoulle

Private View – (c) Trui Hanoulle

In de zomer van 2014 kreeg ik een telefoontje van componiste Annelies Van Parys.
Of ik zin had om het scenario te schrijven voor haar eerste opera.
‘Wat voor opera?’ vroeg ik.
‘Iets à la Hitchcock,’ zei ze. ‘Over voyeurisme en sociale isolatie. Met evenveel humor & suspense.’
Ik twijfelde. Tien seconden. Toen zei ik ja.
Omdat ik intussen weet dat dingen die me de stuipen op het lijf jagen uiteindelijk altijd het leukst zijn om te doen.
In de lente van 2015 ging Private View in première. Het was een fantastische ervaring.

Even leek het erop dat we samen met Canvas een documentaire over het creatieproces zouden maken. Het is doodjammer dat dat niet doorging, want dat was een thriller op zich. Maar grote dank voor de samenwerking aan librettiste Jen Hadfield, videocollectief 33 1/3, het ASKO/Schönberg-ensemble, de Neue Vocalsolisten uit Stuttgart, dirigent Etienne Siebens  & regisseur Tom Creed.

Hieronder heb ik de trailer, de persknipsels, interviews en recensies verzameld, en ook mijn intentieverklaring. Meer lezen kan ook op de website van Muziektheater Transparant. Meer muziek van Annelies Van Parys vind je hier

Private View_trailer from Muziektheater Transparant on Vimeo.

 

PERS
Interviews  – Flanders TodayDe StandaardKnack, KlaraRadio1 & Urgent/Tumult.fm
Recensies – Klara, De Standaard, De Volkskrant
Persmap Transparant

Beeldengalerij met foto’s van (c) Trui Hanoulle

Private view (intentienota)

Gluren naar de buren, we doen het allemaal wel eens. Maar wie is de ander, en wat weten van hem door naar hem te kijken? Is wat we zien wel altijd waar? Of kleuren we de beelden in met onze eigen (voor)oordelen? En in hoeverre maakt kijken ons medeplichtig aan wat we zien? Wanneer moeten we ingrijpen? Waar eindigt voyeurisme en begint onze maatschappelijke verantwoordelijkheid? En kan gedeelde angst mensen uit hun sociale isolatie halen, of drijft het hen net uit elkaar? Deze vragen staan centraal in Private View.

Toen Annelies Van Parys me vroeg het scenario te schrijven voor haar eerste opera, had ze daarbij twee thema’s voor ogen: voyeurisme en sociale isolatie. Daarnaast wilde ze trouw blijven aan de geest van Hitchcock, en dus zowel het element suspense als zijn tongue-in-cheek humor behouden. Private View moest in de eerste plaats een thriller zijn, die het publiek in de rol van voyeur dwingt, zodat de toeschouwers genoodzaakt zijn over hun eigen (sociale) verantwoordelijkheid en medeplichtigheid na te denken.

Sociale isolatie

Private View speelt zich af binnen de besloten wereld van een flatgebouw. De personages die er wonen hebben zich volledig teruggeplooid op zichzelf, en kennen hun buren nauwelijks.

Librettiste Jen Hadfield ontwikkelde voor deze opera een aantal intrigerende personages. Gaandeweg werd het duidelijk dat het een logische keuze zou zijn, ook binnen de beeldtaal van het Collectief 33 1/3, om deze te reduceren tot archetypes. De personages, die geen van allen een naam hebben, kennen elkaar enkel ‘van ziens’; ze hebben geen idee wat er zich aan de andere kant van hun kamermuur afspeelt, laat staan dat ze weten wat er in het hoofd van hun buren omgaat of wat hun angsten en geheimen zijn. Precies daarom hebben we de personages herleid tot metaforen voor intermenselijke relatiepatronen, die enkel uitgetekend zijn via hun handelen of niet-handelen. Daardoor speelt Private View ook met de conventies van de klassieke opera: de focus in het libretto ligt niet op de emoties of de psychologische karaktertekening van de personages, maar beperkt zich tot een beschrijving van acties en niet-geduide feiten. De video-footage vult, op zeer ambigue wijze, de details in.

Er is het neurotische meisje dat haar flat niet uit durft, maar de dag vult met dwanghandelingen. De eeuwig eenzame verleider, die nooit dichter bij een vrouw komt dan in zijn fantasie. Het extravagante jonge koppel dat zichzelf als libertijnen ziet, maar verstikt raakt door zijn eigen burgerlijkheid. Het ogenschijnlijk perfecte lesbische koppel, van wie niemand zou kunnen vermoeden dat psychologisch partnergeweld hun huwelijk beheerst. En het eenzame oude vrouwtje, dat door niemand wordt opgemerkt, maar zelf alles observeert. De enige die bij iedereen over de vloer komt, en een idee heeft van wat zich werkelijk in de flats afspeelt, is de klusjesman. Maar hem ziet niemand, want hij is niet meer dan een werktuig, dat de flat draaiende houdt. Verder kijkt niemand buiten zijn eigen microkosmos. Alleen de drie studenten, die recent in het flatgebouw zijn ingetrokken, proberen tevergeefs contacten te leggen, maar botsen op een muur van onverschilligheid en achterdocht. De deuren blijven gesloten. Tot er een moord gebeurt, en de paranoia zich verspreidt door het gebouw.

Kan gedeelde angst een bindmiddel zijn? Even lijkt het erop dat de zoektocht naar de dader de isolatie van de bewoners kan doorbreken. De moordenaar is één van hen; als ze hem willen vatten, zullen ze elkaar in de ogen moeten kijken. Zichzelf moeten blootgeven, en delen wat ze weten en gezien hebben. Maar willen ze wel ingrijpen, of verkiezen ze de ogen gesloten te houden voor wat er buiten hun eigen flat gebeurt? Is het niet makkelijker blind te blijven, zolang de dreiging zich niet rechtstreeks tegen hen keert?

En wat nadien? Verglijden de personages, eens de dreiging is weggeëbd, opnieuw in hun isolement? Of is er hoop, en slagen ze erin aan het patroon van hun leven te ontsnappen, en opnieuw contact te maken met de wereld en elkaar?

Voyeurisme

Voyeurisme is alomtegenwoordig; via de sociale media, waarop we onszelf vrijwillig blootgeven, begluren we onze naasten meer dan ooit. Maar hoewel we veel kijken, zien we weinig. In de analoge wereld van de flat komt dit gegeven nog duidelijker tot uiting. Want een voyeur ziet alleen de oppervlakte; zijn blik blijft beperkt tot wat zichtbaar is. Hij of zij heeft geen inkijk in de gedachtenwereld van diegenen naar wie hij vanop afstand kijkt, en kan wat hij ziet niet duiden, maar enkel raden naar de betekenis ervan. De blinde vlekken vult hij in met zijn eigen verbeelding. Vaak verkeerd, zo blijkt.

Is er wel een moord gepleegd? En door wie? Iedereen gedraagt zich verdacht, maar hebben we niet allemaal iets te verbergen? In het begin van de opera ligt het spanningsveld tussen waarheid en perceptie, realiteit en verbeelding nog volledig open, zowel voor de personages als voor de toeschouwers. Gaandeweg worden foute interpretaties bijgesteld; bewijs wordt aangevuld met nieuwe informatie, personages spreken elkaar tegen, verdenkingen blijken onterecht te zijn. Lange tijd probeert iedereen blind te blijven voor wat overduidelijk is, en zo zijn verantwoordelijkheid te ontlopen. Alleen de verteller stelt, als een soort collectief geweten, telkens weer alle zekerheden in vraag. Want moet wie toekijkt ook niet ingrijpen?

Niet alleen de personages maken zich schuldig aan gratuit gegluur; net zoals Hitchcock van zijn publiek medevoyeurs maakte in Rear Window, maakt Van Parys voyeurs van het opera-publiek. De toeschouwers worden über-gluurder, en dus medeplichtig. Want ook zij zijn zwijgende getuigen die —beter dan de personages— weten wat er gebeurd is. Door die bevoorrechte inkijk worden de toeschouwers geconfronteerd met hun eigen rol als voyeur en gedwongen na te denken over hun manier van kijken en de verantwoordelijkheid die kijken meebrengt. Al kunnen ze, tot het eind, als excuus aanvoeren dat ze niet zeker weten wat ze gezien hebben. Want wat we zien is alleen maar waar voor zover we (willen) geloven dat het echt gebeurd is. Of net niet.

 Wie kijkt, wordt ook bekeken. Al te vaak vergeet de voyeur dat het onderwerp van zijn blik terugkijkt. Dus als de moordenaar de getuigen begint op te ruimen, keert de dreiging zich rechtstreeks tegen de voyeur par excellence: het publiek.

Share